De fabel van de reuzen

Er waren eens 2 reuzen. Een giga-reus en een kleintje. Want ja, ook onder reuzen is grootte relatief.

De giga-reus was vraatzuchtig. De kleine trouwens ook. Voortdurend hadden zij onstilbare honger. Los van elkaar gingen zij dagelijks op jacht om daar iets aan te doen.

De giga-reus sjokte dan moeizaam voort. Hij was behoorlijk sloom. Als een ballon gevuld met water hing zijn enorme buik over zijn broekriem.

Door zijn trage lijf was het lastig om nog prooien te verschalken. Het zat hem steeds meer in de weg. Maar, had hij gemerkt, met list en bedrog kom je er ook.

De kleine was atletisch. Snel, strak en afgetraind. Hij had de grote ambitie om ooit een giga-reus te worden. Als dat toch eens zou lukken? Dat zou cool zijn.

Maar, net als zijn enorme evenknie, was ook hij nogal gemakkelijk. Als hij met een streek zijn kostje kon verschalken, had hij daar weinig moeite mee.

Op een dag gebeurde het

Op een goede dag – het kon niet uitblijven, want zij woonden in elkaars jachtgebied – kruisten zij elkaar paden.

‘Sips’, dacht de giga-reus, ‘die schavuit zit in mijn jachtgebied mijn maaltjes weg te snaaien. Weet je wat? Ik maak een maaltje van hemzelf. Hij lijkt me aardig snel, dus even nu de slimme vos uithangen.’

‘Zeg kleine reus, mag ik jou eens iets vragen?’

Niets vermoedend antwoordde de kleine reus: ‘Ga gerust je gang.’

‘Ik heb een vreselijke last van mijn holle kies. Volgens mij zit daar een lekker hapje vast, maar genieten is er zo niet bij. Het geeft me niets dan ellende. Ik zou er graag van verlost zijn. Wil jij eens voor me kijken? Als je het kan vinden, is het helemaal voor jou.’

Nou dat was niet tegen dovemansoren. Kreeg die kleine, vraatzuchtige reus zomaar een lekker hapje aangeboden. Het enige dat hem te doen stond was het even los te pulken.

‘Doe je mond maar eens open’, zei de kleine reus, ’en laat mij eens kijken. Ik verlos je graag van dat ongemak.’

De giga-reus boog zich voorover naar de kleine reus en zijn mond ging open.

‘Wow, indrukwekkend’, dacht de kleine reus, ‘daar is vast meer te halen dan een enkel hapje.’

De enorme muil van de giga-reus hing nu boven de kleine reus. De handen van de kleine grepen naar de tanden in de onderkaak van de giga-reus. Soepel trok hij zich omhoog.

Hij gooide zijn rechterbeen over de enorme gele tanden en draaide zijn lijf lenig naar binnen. Hop, daar lag ie op de tong van de grote reus.

‘Nu snel op zoek naar de holle kies’, dacht ie gretig.

Ja, en toen gebeurde het. Hap! De grote vrat de kleine op. In één grote slik, zonder te kauwen. Zijn slokdarm perste hem in zijn geheel naar binnen.

De kleine reus gleed als een bal door de dikke nek. Zo verdween hij in de maag van de giga-reus.

Het lot van de kleine reus

Dat was schrikken voor die kleine. Hij had het niet zien aankomen. Plots was het pikkedonker. Na een akelige glijpartij lag ie in een groot, akelig hol.

Warm en vochtig was het daar. Allerminst aangenaam.

Hij schudde met zijn hoofd. Het tolde hem. Hij ging zitten. Er ingetuind was ie! Slachtoffer van zijn eigen gretigheid. Weg vrijheid, weg blijheid, weg zon op de bol.

Dit was geen thuis voor een kleine reus. Kon ie nooit meer zelf de boer op om zijn hebzucht uit te leven. Vanaf nu was hij afhankelijk van wat de grote reus naar binnen werkte.

Met de onverteerde resten kon hij het doen, als hij al niet zelf verteerde.

En met een schok drong het tot hem door: zijn ambitie lag aan diggelen!

Het lot van de grote reus

Toen de duizeling bij de kleine reus voorbij was, startte uiteraard het protest. Hij mocht dan voorgoed zijn dagen moeten slijten in de maag van de giga-reus. Makkelijk zou hij het hem niet maken. O nee, allerminst!

En zo begon een eindeloos en vreselijk gerommel in de maag van de giga-reus. De kleine zat zich daar als een idioot te roeren. Hij schopte als een wilde om zich heen, vloekte dat het een aard had.

De ballon over de broekriem van de grote reus bewoog wild heen en weer. Dan weer links, dan weer rechts. Aan alle kanten stulpte het uit.

Wat een geweld daarbinnen. Zo’n donderbui in zijn maag had hij nog nooit gevoeld.

De giga-reus werd draaierig. Hij probeerde met zijn handen de boel rond zijn riem in toom te houden. Maar dat was vergeefse moeite. De kleine reus daarbinnen was veel te snel en vooral veel te woest.

Langzaam werd het groen en geel voor de ogen van de giga-reus. Asgrauw werd zijn gezicht. Over zijn hele lijf kwam het klamme zweet uit zijn poriën.

De grote misselijkheid sloeg toe en het hield nooit meer op.

Waarom de ene moloch de andere steeds opslokt

Ja, en hier eindigt het verhaal. Zowel de kleine reus als de giga-reus leefden nog lang en ongelukkig. Niet elk sprookje loopt goed af. Dat is de harde werkelijkheid.

Weet jij waarom de ene moloch de andere, kleinere moloch steeds weer opslokt?

Vanwege de angst voor concurrentie.

Het is een machtsspel dat vrijwel altijd misgaat. 60 tot 80 procent van de overnames en fusies eindigt in een fiasco.

Logisch, de concurrentie gaat tussen de poorten gewoon voort. De angst verdwijnt niet bij een bedrijfsovername. Het gaat alleen maar meer rommelen in de magen van de reuzen.

Wat leidt dan wel tot een gezondere bedrijvigheid? Hoe kun je die angst effectief te lijf?

Denk in andere structuren. Herverdeel de macht.

Word een Vrije Werker met een missie en een boodschap voor de wereld.

Maak van concurrentie coöperatieve competitie, en richt je op je kunst.

Word geen reus, maar een professional.

Print Friendly, PDF & Email

Een woord over de auteur

Stan Lenssen

Professional Certified Coach en schrijver - gecertificeerd door ICF: de International Coach Federation, die staat voor kwaliteit in coaching. 'Ik voel me mateloos gedreven om mensen te stimuleren het beste in zichzelf te ontdekken en te activeren, zodat ze hun leven kunnen vormgeven op een manier die bij hen past en die hen gelukkig maakt.'

4 comments… add one
  • Bianca Molenaar 27 sep 2011, 15:46

    Mooi verhaal Stan, ik heb er van gesmuld!
    Ga zo door en ik kom zeker nog een keer op een werkkring schrijven!!

    Groeten,
    Bianca

  • Yvonne Hendriks 28 sep 2011, 13:50

    He Stan,

    I LIke! Erg leuke beeldspraak. En een gewaarschuwd mens (of reus, zo je wilt) telt voor twee! Ik heb hem achter mijn oren geknoopt in ieder geval!

    Groetjes Yvonne

    • Stan Lenssen 28 sep 2011, 15:12

      Thx Yvonne. Lijkt me overigens een hele klus met zo’n gevaarte 😉

Leave a Comment

Privacyverklaring