De jongens van de kattenbakcentrale

Start-ups zijn van alle tijden.

In de jaren 30 reed in Amsterdam een speciale groep fietskoeriers rond: de kattenbakcentrale-jongens.

In een stad vol oude panden en waar mensen en bedrijvigheid dicht opeengepakt zijn, is er de voortdurende dreiging van een muizenplaag. Katten zijn effectieve bestrijders van muizen. Door de eeuwen heen zie je dat de Amsterdammers ze massaal inzetten om de muizenstand in toom te houden.

Het was een harde tijd, die jaren 30 van de vorige eeuw. De werkeloosheid steeg in het piekjaar 1935 naar 19,4% – het hoogste cijfer ooit (bron: CBS). Ondernemen was vooral overleven. Velen ervoeren de crisisjaren als uitzichtloos.

Maar de koeriers van de kattenbakcentrale hadden een markt ontdekt. Deze jongemannen reden op bakfietsen naar de klanten, waar ze een verse zak kattengrit afleverden en het vuile grit meenamen (De fietsrepubliek, Pete Jordan).

De kattenbakcentrale-jongens hadden de overtuiging dat hun wereld maakbaar was, ook in die beruchte crisisjaren. Zij hadden iets gevonden dat ze het gevoel gaf dat ze controle hadden over de situatie.

Aangeleerde hulpeloosheid

Hoe belangrijk is dat voor ons: het gevoel van controle hebben over de situatie?

Ik lees in Het gelaagde brein van Martin Appelo over een interessant experiment dat is gedaan met honden:

2 groepen honden zitten in een soort harnas waardoor ze nauwelijks kunnen bewegen. Af en toe krijgen ze een stroomstoot toegediend. De honden in groep 1 kunnen de schok voorkomen door met hun neus op een knop te drukken. De honden in groep 2 kunnen niets aan de schokken doen.

In het volgende deel van het experiment wordt elke hond in een hok gezet dat uit 2 delen bestaat met daartussen een hoge drempel. De vloer van het gedeelte waarin de hond zich bevindt, wordt af en toe onder stroom gezet waardoor de hond schrikt. Echter, steeds een paar tellen daarvoor klinkt een waarschuwingsbelletje. Op dat moment kan de hond voorkomen dat hij een stroomschok krijgt door over de drempel te springen naar het andere gedeelte van het hok, waar de vloer niet onder stroom wordt gezet.

Wat blijkt?

De honden die eerst leerden dat ze met hun neus op een knop konden drukken om een schok te voorkomen, hebben nu ook al snel door dat ze, zodra het belletje klinkt, naar de andere helft van het hok moeten springen.

De andere groep honden doet echter nauwelijks iets. De meeste dieren ondergaan de schokken gelaten. Ze gedragen zich passief, zelfs wanneer ze door de proefleiders worden geholpen.

Er is een bijzonder verschil ontstaan tussen de beide groepen.

De honden uit groep 1 hebben in het eerste deel van het experiment ervaren dat ze invloed hebben op hun omgeving door zich actief op te stellen. Die ervaring nemen ze mee, waardoor ze in het tweede deel van het experiment weerbaarder zijn.

De honden uit groep 2 hebben ervaren dat ze overgeleverd zijn aan hun omgeving. Ze hebben geleerd dat ze niets aan hun situatie kunnen doen en worden lijdzame slachtoffers.

Het belang van controle voelen

Soortgelijke experimenten zijn ook met mensen gedaan. Maar we hoeven niet naar deze experimenten te kijken om te weten dat het mechanisme van aangeleerde hulpeloosheid ook bij ons werkt.

We kennen allemaal de indringende beelden van de wezenloze figuren die op het einde van de Tweede Wereldoorlog uit de concentratiekampen werden bevrijd. De geallieerden troffen volledig apathisch geworden mensen aan. Slachtoffers die alleen nog maar af konden wachten wat er met hen ging gebeuren. Murw en passief gemaakt in jaren van vreselijke onderdrukking, waarin hen hun autonomie volledig ontnomen werd. Ze hadden geleerd dat hun eigen inbreng totaal irrelevant was en konden zelfs de vreugde van hun bevrijding niet meer ervaren.

Het gevoel van controle kunnen hebben is heel belangrijk voor ons.

Net als honden kunnen mensen vervallen in aangeleerde hulpeloosheid en zich passief gaan gedragen. In extreme omstandigheden kan dat zelfs leiden tot depressieve apathie.

Als mensen daarentegen in een eerdere omstandigheid ervaren hebben dat ze hun situatie door eigen handelen positief kunnen beïnvloeden, zijn ze veel weerbaarder.

Algemene competentieverwachting

De overtuiging controle te hebben over jezelf en over je eigen situatie, is sterk gerelateerd aan je welbevinden. Het idee invloed te kunnen uitoefenen, is bepalend voor hoe je je voelt en vooral ook: bepalend voor wat je doet!

Deze overtuiging wordt in het Engels aangeduid met self-efficacy. In het Nederlands noemen we haar: algemene competentieverwachting – welke verwachting je hebt van je mogelijkheden.

Hoe hoger je algemene competentieverwachting, hoe actiever je jezelf zult opstellen om je leven positief te beïnvloeden.

Er zijn verschillende onderzoeken gedaan naar dit fenomeen, vertelt Martin Appelo. Daaruit blijkt dat mensen met een hoge algemene competentieverwachting ten opzichte van mensen met een lage algemene competentieverwachting:

  • Meer zelfvertrouwen hebben
  • Moeilijkheden eerder zien als uitdagingen
  • Uitdagender doelen stellen
  • Meer inzet tonen
  • Meer doorzettingsvermogen tonen
  • Fouten maken zien als een gelegenheid om zichzelf te onderzoeken en te verbeteren

Mensen met een hoge algemene competentieverwachting hebben dus een sterke growth mindset. Door hun actieve en positieve opstelling creëren ze makkelijker succeservaringen en versterken ze bovendien hun toch al hoge competentieverwachting.

Ze plaatsen zichzelf op een positieve manier in een selffulfilling prophecy en creëren een opwaartse spiraal in hun leven.

Wie stuurt de bakfiets?

Het maakt blijkbaar veel uit of je wel of geen controle hebt ervaren in lastige omstandigheden in je leven.

Het gevoel van ‘baas te zijn over de situatie’ doet iets met onze actiebereidheid. We nemen het stuur in handen. We nemen verantwoordelijkheid. We worden autonomer.

Nog eens terug naar de jongens van de kattenbakcentrale. Zij deden iets verrassends in die zware crisisjaren. Zij hadden goed naar zichzelf en hun omstandigheden gekeken en ontdekten iets dat ze nieuwe kansen gaf. Met hun slechts beperkte middelen, maar met een flinke dosis creativiteit, realiseerden zij een opening.

Je kunt stellen dat ze zich veel bewuster waren geworden van wat allemaal binnen hun macht lag.

Daarnaar kijkend, kun je je ook afvragen of het nodig is om de opwaartse spiraal in je leven af te laten hangen van positieve controle-ervaringen die van buiten op je af komen. De kattenbakcentrale-jongens schiepen hun eigen positieve controle-ervaring. Zo kan het dus ook!

Een verhoogd zelfbewustzijn is cruciaal

Positieve controle-ervaringen kun je oproepen. Wat daarvoor nodig is, is een verhoogd zelfbewustzijn. Dus weten wie je bent, wat je kunt, welke potentie je in je hebt.

Het creëren van een verhoogd zelfbewustzijn is een groot thema in coaching. Het brengt je het besef dat er altijd veel meer mogelijkheden in je zitten dan je zelf op enig moment kent.

Dat leidt tot het inzicht dat je grip hebt op de situatie. Niet zozeer op de omstandigheden die die situatie bepalen, als wel op de manier waarop je uiteindelijk met de situatie omgaat. Net als die kattenbakcentrale-jongens deden.

Coaching helpt je zeer om je ‘gevoel van controle over de situatie’ te ontwikkelen. Coaching stimuleert daarmee een hoge algemene competentieverwachting en een opwaartse spiraal in je leven.

Print Friendly, PDF & Email

Een woord over de auteur

Stan Lenssen

Coacht en schrijft op en over thema's van het leven - Professional Certified Coach - gecertificeerd door ICF: de International Coach Federation, die staat voor kwaliteit in coaching. 'Ik voel me mateloos gedreven om mensen te stimuleren het beste in zichzelf te ontdekken en te activeren, zodat we ons leven hier kunnen vormgeven op een manier die iedereen gelukkig maakt.'

0 comments… add one

Leave a Comment

Privacyverklaring