Je bedrijf een roeping? Kom even terug op aarde!

Ooit over deze vraag nagedacht:

Wat wil je; een baan, een carrière of een roeping?

Ik herinner me een anekdote uit de geschiedenisles op de middelbare school. Het was in het 2e jaar of 3e jaar. Een stukje van die les speelde zich af in de toekomst. Het ging over waar wij voor werden klaargestoomd.

‘Wat wil jullie straks worden?’, vroeg onze leraar – ik ben zijn naam helaas kwijt.

‘Dierenarts, verpleegster, piloot, dokter, directeur.’ Het bekende riedeltje.

‘Waarom vind je dat een mooi beroep?’

‘Omdat ik hou van dieren. Omdat het spannend is. Omdat ik er veel geld mee kan verdienen.’

‘En niemand wil vuilnisman zijn?’

Gegiechel…

‘Weet je, het is eigenlijk niet zo belangrijk wat je doet. Het gaat erom met welke instelling je je werk doet. Vuilnisman is een belangrijk beroep. Stel je voor wat er gebeurt in de straat als het vuil niet meer wordt opgehaald…’

Opnieuw gegiechel…

‘Je werk wordt pas waardevol als je weet hoe je anderen ermee helpt. Dat geldt voor elk beroep. Als je ontdekt hebt hoe je anderen helpt, dan maakt het feitelijk niet meer uit wat je doet. Dan heb je elke dag plezier. En dat is uiteindelijk waar het allemaal om draait.’

Daar zaten we dan: een klas vol pubers. Dat was een stukje maatschappelijk inzicht waar wij even stil van werden.

Baan, carrière of roeping

Mijn geschiedenisleraar had het niet over een baan of een carrière, hij had het over een roeping.

Er is een onderscheid. Wetenschappers noemen het 3 soorten van werkoriëntatie (uit Authentic Happiness  van Martin E.P. Seligman – NL-uitgave: Gelukkig zijn kun je leren):

  • Een baan doe je voor het salaris dat je ervoor krijgt. Je voelt je weinig betrokken bij je werk. Het is niet meer dan een middel om andere doelen te bereiken.
  • Bij een carrière is het doel niet alleen geld. Je bent sterk persoonlijk betrokken bij je werk. Je wenst ook vooruitgang in de vorm van een regelmatige promotie waardoor je beloning, je verantwoordelijkheid en je status groeien.
  • Heb je een roeping, dan is er sprake van een grote, gepassioneerde betrokkenheid. Je doet je werk, omdat je ziet dat het bijdraagt aan iets dat boven jouzelf uitstijgt. Geld en promotie zijn ondergeschikt aan deze hogere zingeving.

En hoe zit dat dan met ondernemers?

Deze definities gaan over werken in loondienst. Voor ondernemers gelden natuurlijk paralellen:

  • Je kunt je bedrijf doen alleen voor het geld. Stopt het geld, dan stop je met je bedrijf.
  • Je kunt je bedrijf doen, omdat je er niet alleen geld, maar ook eigen groei (in de zin van macht, prestige en aanzien) aan ontleent. Is die groei niet meer mogelijk, dan zie je vaak dat ondernemers hun bedrijf verkopen.
  • Je kunt je bedrijf doen uit een passie voor een groter doel. Bijvoorbeeld groei die je wilt bereiken voor anderen – zoals je bij veel trainers en coaches ziet. Of het oplossen van een maatschappelijk probleem – zoals je bij veel mvo-ondernemers ziet. De verrassing is: stopt het bedrijf, dan gaat je streven naar het grotere doel gewoon door.

Het verschil? Vraag het je klanten

Het maakt nogal een verschil of je ’s ochtends opstaat voor je werk of voor je roeping.

Voor jezelf, want hoe ervaar jij het liefst je werk:

Als een klus die je louter mechanisch doet? Waar je verder geen binding mee voelt? Wel fijn dat er maandelijks een bedrag binnenkomt?

Prima, dat kan functioneren.

Of zie je meer in het plaatje waarin het heerlijk is om aan de slag te gaan? Waarin je werk  aan jouw leven een speciaal belang geeft. Werk waar je met passie over praat. Je weet door dat werk: daarvoor ben ik hier!

Dat is toch anders.

En voor het werk zelf maakt het ook nogal een verschil. Mocht je daaraan twijfelen, vraag het eens aan de klanten die dat werk geleverd krijgen.

Hoe maak je van je werk je roeping?

‘Een roeping is mooi, maar ik heb hem nog niet gevonden.’

Het bijzondere is: het gaat niet om het vinden van de juiste baan, of – voor ondernemers en zelfstandigen – van het juiste bedrijfsmodel. Het gaat om het vinden van een baan of model dat je juist kunt máken.

Ik deel je een persoonlijke ervaring.

Toen ik 18 was belandde ik als kelner in de horeca. Vanaf moment één dat ik gastheer mocht zijn, wist ik: dit is 100% Stan. Ik kan hier iets fantastisch van maken: direct werken met mensen en iets moois toevoegen aan hun leven.

Later, toen ik 2 speciaalzaken in gezondheidsproducten had, gaf mij dat exact dezelfde ervaring. De winkels gaven mij de kans om direct met mensen te werken en iets bijzonders voor hun leven te betekenen.

En in mijn business coaching is het al niet anders. Ook daarin kan ik die elementen kwijt waardoor het 100% Stan wordt.

Het decor is telkens totaal anders, maar de invulling kent één belangrijke constante: direct contact met mensen, en hun leven met iets wezenlijks verrijken.

Ik maakte er mijn roeping van.

Toen ik 18 was, had ik daar overigens nog geen benul van. Met de winkels begon het al enigszins te dagen. En nu, als business coach, weet ik dat het steeds mijn keuze was om die roeping erin te leggen, zodra ik de baan of het model vond waarin dat mogelijk was.

De voedingsbodem moet zich er dus voor lenen, maar daarna kies je ervoor om er jouw roeping in te leggen.

Wat helpt je bij het vinden van je roeping?

Geroepen worden tot een bepaald soort werk, is niet simpelweg een stem die zegt: ‘De wereld zou er wel bij varen als jij deze taak op je neemt.’

En dat jij dan vervolgens zegt: ‘Oké, ik neem de uitnodiging aan.’

Je moet je erdoor aangesproken voelen. We willen niet allemaal een bevlogen milieuactivist zijn, een gepassioneerde vuilnisman of een gedreven politicus.

Ik noemde in mijn voorbeeld niet voor niets mijn roeping 100% Stan. Een roeping werkt alleen als hij perfect op jouw persoon past. Op jouw competenties en waarden.

Een roeping is iets heel persoonlijks. En dat maakt het lastig. Het staat zo ontzettend dicht bij jou dat je het zelf vaak niet ziet. Het is een blinde vlek.

Ik heb er jaren over gedaan om die van mij te herkennen. En – achteraf gezien – hij paste bij heel veel beroepen die ik deed. Maar bij enkelen ook pertinent niet. Overigens steevast de uitglijers.

Een coach kan dat proces van herkennen enorm voor je versnellen. Had ik moeten hebben toen ik 18 was 😉 Dan had ik minder hoeven ploeteren. Een goede coach stelt je namelijk de slimme vragen, waardoor die blinde vlek snel zichtbaar wordt.

Het hele perspectief verandert

En dan – uiteraard – blijft het nog steeds jouw keuze: een baan, een carrière of een roeping.

Het is natuurlijk een cliché, maar ik geef hem toch maar even mee:

Het leven is te kort om niet het beste uit jezelf te halen.

Moet het beste groots zijn? Nee. Vuilnisman is misschien een beroep van weinig aanzien, maar zodra je er een roeping van maakt, verandert het hele perspectief.

Terug op aarde zijn we daar hartstikke mee geholpen.

Print Friendly, PDF & Email

Een woord over de auteur

Stan Lenssen

Coacht en schrijft op en over thema's van het leven - Professional Certified Coach - gecertificeerd door ICF: de International Coach Federation, die staat voor kwaliteit in coaching. 'Ik voel me mateloos gedreven om mensen te stimuleren het beste in zichzelf te ontdekken en te activeren, zodat we ons leven hier kunnen vormgeven op een manier die iedereen gelukkig maakt.'

1 comment… add one

Leave a Comment

Privacyverklaring