Publieke bedgeheimen over slaap

We slapen wat af.

Een gemiddeld mens brengt een derde van zijn leven tussen de lakens door. Oh pardon, zei ik ‘een derde’? Dat is natuurlijk een misvatting; het is nog wel wat meer. Maar goed, een derde al slapend.

Even terzijde: in het ‘wel wat meer’ ontplooien wij geheel andere activiteiten. Zo zieken we in die extra bedmomenten onze griep uit, lezen we een mooi boek, en spitten de extra dikke weekendkrant door. Zelfs – en deze is persoonlijk – kan ik mij herinneren dat ik in de middelbare schoolse ochtenduren nog tussen de lakens de lastigste huiswerksommen placht te maken. Alsof ik als eigenwijze puber van de volgende wijsheid toch al wel doordrongen was: de vroege ochtend is het beste moment van de dag voor geestelijke arbeid.

Maar genoeg over die speciale bedmomenten. Ja ja, ik weet het, ik heb er een verzuimd te noemen, maar nu moeten we verder. Ik neem je terug naar het fenomeen ‘slaap’, minstens zo interessant en minstens van zo’n grote importantie.

Ik ben een ‘langslaper’; ik geef het onomwonden toe. Zo makkelijk als ik dat nu doe, is dat voor mij niet altijd geweest. Jarenlang werd ik gekieteld, en misschien zelfs wel eens geplaagd, door gevoelens van schuld. Waar de gemiddelde slaper met acht uur per etmaal genoegen neemt, snurk ik er regelmatig negen weg.

‘Luie donder’, fluisterde ik mijzelf regelmatig heimelijk toe. Totdat ik het durfde toe te geven: op een lange nachtrust functioneer ik gewoon beter. Blijkbaar werkt dat zo voor mij, en heel raar is dat niet. De meeste mensen hebben behoefte aan zeven tot negen uur slaap per nacht. Het wordt onder andere bevestigd in Raj Raghunathans (2016) boek Als je zo slim bent, waarom ben je dan niet gelukkig?. Deze hoogleraar kan het weten; menselijk gedrag en psychologie zijn expertisegebieden van hem.

Er geldt in slaapverlangen dus een behoorlijke bandbreedte. Ik doe het met mijn regelmatige negen uren nog helemaal niet zo slecht, en toch kietelde het schuldgevoel, jarenlang.

Ik zag en hoorde om mij heen heel andere dingen over slaap. Die strookten totaal niet met mijn ‘luie’ gedrag. Ik ben van de generatie ‘tijd is geld’. Dus wie gooit er nou kostbare uren weg door maar in dromenland te blijven hangen? Een schandelijke verspilling van economisch nut! Nee, mijn generatie is van de efficiency, het minimaliseren van elke vorm van tijdverkwisting.

Ze hebben het niet bij het rechte eind.

Wij slapen te weinig

‘Wij slapen wat af’, daar begon ik mee. Maar klopt het wel dat een gemiddeld mens een derde van haar of zijn leven al slapend tussen de lakens verkeert?

Ooit is het zo geweest. Maar de afgelopen dertig à veertig jaar – inderdaad, míjn generatie – is er aan die ‘een derde’ stevig geknabbeld. Neurowetenschapper Theo Compernolle (2006) maakt in zijn boek Stress, vriend en vijand melding van onderzoek dat laat zien dat we in die periode gemiddeld anderhalf tot twee uur slaap vrijwillig hebben ingeleverd.

De acht uur slaap zijn niet heel veel meer dan zes uur slaap geworden, althans bij velen. Dat is schrikbarend, want het is waarschijnlijk voor slechts twee en een half procent van de mensheid weggelegd om zich uitgerust te voelen met minder dan zeven uur slaap per nacht (Raghunathan, 2016).

En nou weet ik wel dat mannetjesputter Napoleon beweerde dat een veel geringer aantal voor hem genoeg was, en dat ook Apple’s Tim Cook toespelingen schijnt te hebben gemaakt tot het bijzondere ras van de ‘ultra-kortslapers’ te behoren; toch – ook al praten we over personen ver weg van ons verwijderd in de maatschappelijk piramide – zijn zij ooit geboren uit hetzelfde materiaal als wij. Dus laten we vaststellen: hun uitspraken zijn geheel voor ’s heren eigen conto. Ze zijn geen aanbevelenswaardige rolmodellen. Niet als het gaat om slaap.

Chronische slaapschuld

Waar zijn wij van de ‘efficiencymaatschappij’ mee bezig?

Als een mens te weinig slaapt, resulteert dat in zeer beroerde effecten. Zal ik er bij wijze van ontmoediging eens vijf voor jou op een rijtje zetten? Hier komen ze, van irritant tot dodelijk (Compernolle, 2006; Raghunathan, 2016):

  1. Als je niet genoeg slaapt, zul je eerder bezorgd en prikkelbaar zijn.
  2. Je hoeft maar negentig minuten minder slaap te krijgen dan je nodig hebt en je alertheid overdag wordt al met een derde verminderd.
  3. Mensen die te weinig slapen zijn gemakkelijker depressief.
  4. Onvoldoende slaap bevordert het ontstaan van zwaarlijvigheid en diabetes (want slaaptekort leidt tot een disbalans in ons hormoonsysteem, waardoor een hongergevoel ontstaat en we onwillekeurig aan het snacken slaan).
  5. Mensen die te weinig slapen, maken achter het stuur meer fouten en reageren trager, met een grotere kans op verkeersongevallen.

En wat die vijfde betreft, wil ik nog wel een extra duit in het zakje doen: met een structureel te korte nachtrust gaan rijden, is net zoiets als met een borrel op achter het stuur kruipen. Het US Army Institute of Environmental Medicine toonde namelijk aan dat soldaten die moesten werken na een reeks nachten met onvoldoende slaap, even slecht presteerden op testen van hun verstandelijk functioneren als dronken soldaten (Compernolle, 2006). Misschien handig om te beseffen als je ’s ochtends aanschuift in de file.

Volgens Theo Compernolle vond de National Sleep Foundation dat 52 procent van de volwassenen onvoldoende slaapt. Hij hanteert in zijn boek de term ‘chronische slaapschuld’.

Dat is dus waar wij mee kampen. Nee, wij zijn zeker lekker efficiënt bezig met onze strijd tegen de tijdverkwisting. Ik ben werkelijk benieuwd wat die nou economisch opbrengt.

Waar is slapen eigenlijk goed voor?

Oké, stoppen nu met het cynisme. Laten we een 180 graden draai maken en ons gespreksobject eens met een optimistische spot belichten.

Slaap is lekker. We verwerken de gebeurtenissen van de afgelopen dag; de scherpe randen worden zacht gemaakt. Na een malse, verfrissende slaap krijgt een mens zin om er weer een nieuwe dag tegenaan te gaan.

Als een mens voldoende slaapt, resulteert dat in zeer genoeglijke effecten. Zal ik er bij wijze van aanmoediging eens vijf voor jou op een rijtje zetten? Hier komen ze, van economisch nuttig tot levensverheffend:

1. Slaap is goed voor je focus

Wie aan haar of zijn uurtjes tussen de lakens toekomt, laat zich minder makkelijk afleiden. Zo’n mens is minder gevoelig voor allerlei hunkeringen en verlangens die beoogde langetermijndoelen in de weg kunnen zitten.

Daarmee samenhangend, verbetert het concentratievermogen. Dat is ook heel handig voor focus.

2. Slaap is goed voor je wilskracht

Een uitgerust mens kan langer volhouden om een activiteit af te ronden. Ook kan zo’n mens – als dat nodig is – makkelijker nog een keer extra ergens ‘nee’ of  ‘ja’ tegen zeggen.

Roy Baumeister en John Thierney (2012) beschrijven in hun boek Wilskracht hoe een mens ten prooi kan vallen aan wat zij noemen ‘egodepletie’. Je zou het ook ‘beslissingsmoeheid’ kunnen noemen.

Als je op een dag veel beslissingen neemt – en dat doen breinwerkers in elk geval – raakt ergens het kaarsje op. Of die beslissingen klein (een Facebook-like) of groot (een koopcontract) zijn, maakt nauwelijks uit. Wat wel uitmaakt, is of je voldoende uitgeslapen bent. Dan is het kaarsje echt wat centimeters langer.

3. Slaap is goed voor je veerkracht

Veerkracht is het vermogen om met tegenslag om te kunnen gaan, het vermogen om telkens weer ‘op te veren’.

Als we genoeg geslapen hebben dan heeft dat een gunstige invloed op onze stemming. Ook met gevoelens van angst kunnen we dan beter omgaan. Een positieve ingesteldheid plus een gezonde portie durf, levert veerkracht.

Is nadere uitleg nog nodig? Kringetje rond, lijkt me. Tuk onbevreesd voldoende uren weg en het aardse bestaan duwt jou niet zomaar om.

4. Slaap is goed voor een lang leven

Een gezond slaappatroon is uiterst effectief als het gaat om de verwerking van stress. Een lichaam dat stress goed verwerkt, gaat langer mee. En hallo, we hebben het hier wel over de duur van ons leven!

Overigens kun je spreken in termen van ‘positieve stress’ en in termen van ‘negatieve stress’. Dit artikel over lange overlevers geeft daar uitleg over. Het is zeer interessant in dit verband.

Dan is er nog iets te melden over de relatie tussen slaap en een lang leven: als we voldoende slapen verbeteren automatisch onze voedingskeuzen (Raghunathan, 2016). Dit is de directe tegenhanger van beroerd effect nummer 4. Lees nog maar eens terug. Jazeker, de natuur is behoorlijk zelfregulerend.

5. Slaap is goed voor je geluk

‘Mensen die tussen de zeven en acht uur slapen, zijn het minste ziek en leven het langste’, zegt Theo Compernolle (2006). Alles nu gelezen hebbende, zal het volgende je waarschijnlijk niet verbazen: in dat lange leven ontvangen zij ook nog een bonus voor goed gedrag – zij zijn gelukkiger!

Ze worden namelijk minder geplaagd door depressies en angststoornissen dan hun kort slapende pendanten. Het is eigenlijk zo evident dat het geen toelichting behoeft, maar ik geef haar toch: angsten en depressies zijn fnuikend voor het ervaren van duurzaam geluk. De negatieve impact ervan stijgt tien maal uit boven die van het moeten leven met immobiliteit door handicaps. Op naar geluk van Ap Dijksterhuis (2015) is er duidelijk over.

Ik schreef het eerder al: voldoende slaap maakt de scherpe randen van onze ervaringen zacht. Het maakt een mens minder bezorgd en het voorkomt somberheid. Een gezond slaappatroon is niets meer of minder dan een weldaad voor onze emotionele balans.

Een verkwikkende levensbehoefte

Ja heus, we doen oprecht ons best om verantwoord te leven. Maar intussen tobben we wat af in de efficiencymaatschappij, met onze korte nachten om maar tijd te sparen.

Slaap is een van onze meest ondergewaardeerde levensbehoeften. We slaan alarm over burn-out en de druk op het werk, maar wie zijn wij om daar een grote keel over op te zetten als we niet eens de moeite nemen om voldoende te slapen?

Wat heeft gezonde voeding en veel bewegen voor zin als je structureel te weinig slaapt? Wat is de waarde van meditatie als je haar inzet om een korte nachtrust te compenseren? We kunnen vreemd bezig zijn.

Als kind al kon ik mij verheugen op de volgende ochtend na een verkwikkende slaap. Ik wist al vroeg uit ervaring: dan is alles zonniger en loopt het lekkerder.

Mij maken ze niks wijs, zij van de efficiencymaatschappij. Ik hou vast aan mijn kinderlijke intuïtie. Slaap lekker komende nacht!

Een woord over de auteur

Stan Lenssen

Professional Certified Coach – PCC gecertificeerd door ICF – International Coach Federation. Ik ben mateloos gedreven om mensen te stimuleren het beste in zichzelf te ontdekken en te activeren, zodat ze hun leven kunnen vormgeven op een manier die bij hen past en die hen gelukkig maakt.

0 reacties… add one

Geef een reactie