Gedachte, Leeslengte kort, Verhaal

Materie voor de geest

Amsterdam, Laagte Kadijk – 2026

Wijlen A.L. Snijders verwoordde eens zijn vermoeden dat de materie superieur is aan de geest door te stellen dat de materie het trekpaard van de geest is. Terwijl men met handen en voeten bouwt ontstaan de gedachten, zo bedoelde hij.

Het raam staat open als ik denk aan deze woorden en van buiten snerpt het geluid van een zaag naar binnen. Er wordt geen iep geveld in de wijk, het is eerder een slijptol in iets van steen. Een doorzonflat wordt tot paleis vertimmerd. Liever is mij het geluid van een lezer op het balkon.

Materie superieur aan de geest, betekent dat dat materie vóór de geest gaat? Dat lijfelijke bevrediging het winnen wil van geestelijke voldoening?

Ik stel mij op het standpunt dat je voorzichtig moet zijn met het vellen van oordelen. Waarom namelijk zou het één superieur zijn aan het ander, en vice versa?

Niettemin delft het genieten van de geestelijke zegeningen om ons heen met regelmaat het onderspit als zij tegenover onze materiële verlangens komen te staan. Bijvoorbeeld van de vinkenslag in die niet gevelde iep.

Maar de stal gaat vóór de bibliotheek. Dus die slag wordt overstemd, zoals zo veel intrigerende geluiden van buiten. Dat heerlijke gezang van de straat.

Het hoefgeklepper van trekpaarden heeft allang plaatsgemaakt voor de motorzaag en de slijptol, laat staan dat ik het echt gekend zou hebben. Het is de kunst die laatste twee onder de heerlijkheden te scharen en de verandering stoïcijns te erkennen.

Sine ira et studio, zou A.L. Snijders er misschien wel van gezegd hebben. Hij zat immers vol geestrijke gedachten.

Standaard
Gedachte, Leeslengte kort, Verhaal

De kraanmachinist

Hoog boven wolkenkrabbende kantoren wankelt hij in zijn cabine in het kranenbos. In collaboratie met collega-acrobaten gedoemd tot werken aan neoliberale vergezichten. Want nooit komt de Zuidas aan de einder af.

Een leven wiegend in de wind, ver van de aarde op een staak van ineen geklonken staal. Vreeswekkend, zoals de jarenlang paalzittende monnik. Hij teerde op toegestoken kaas.

Zo schraal zal het de kraanmachinist niet vergaan. Professies vastgezogen aan ergonomische zetels, draaiend en trekkend aan wielen en hendels, kweken armen als ankerkabels boven een obese omvang. Daaraan herken je de buschauffeur. Daaraan herken je de kraanmachinist.

Hoe komt hij boven?

Met een liftje.

En op dezelfde wijze retour richting begane grond. Tegen het avondeten.

Ooit – in kranen uit oude dagen – klom hij angstaanjagend razendsnel de sporten op en af. Hij was een tanige, lenige aap.

Kantoorblokken stapelen tot honderd meter hoog. Hoe voel je je daarboven? Als een kluizenaar met radioverbinding? Verlost van de wereld, die daar beneden twijfelachtig trilt? Meester over de city?

Soms knapt de lift. Dan wordt er opnieuw geklommen – en wringt een buikige gorilla zich door een gele kooiladder heen.

Hoe dan ook, een onverschrokken waaghals.

Dat allemaal dacht ik, kijkend vanaf het balkon van de tiende.

Standaard
Dichtwerk, Gedachte, Leeslengte kort

Kompaan

Futuristische compositie – vermoedelijk Jules Schmalzigaug – ca. 1912-1915

Het was een kompaan waarvan wij wisten:
voor het leven. Maar de grond waarvan hij dacht
dat die hem baarde voor zijn listen,
werd door ons arrogante zaad verkracht.

Grove teelt leidt tot genen die zich wreken
zullen – desnoods na eeuwen pas
zal de walging weten uit te breken,
over elk zelfingenomen ras.

De korst knapt open en de bondgenoot
morft zich tot bedreiging.
Geen vriendschap wil graag dood,
toch had deze van begin af aan de neiging.

Standaard
Dichtwerk, Gedachte, Leeslengte kort

Europa

Europa en de stier – Gustave Moreau – ca. 1869

– tussen muren gevangen
trouw als een hond
aan humane waarden,
laat door haar bijgesteld.

Want iemand zei dat het onmogelijk was.

– stichtte een vrijstaat
op miljoenen ruggen
die ze achteloos wiste
in koloniale verstikking.

En niemand zag er de confrontatie in.

In de historie,
door haarzelf gesponnen,
groeide haar kind
tot een angstwekkende spiegel.

Dacht iemand dat het nooit komen zou?

Trillend en twijfelachtig
wacht ze nu af,
onmachtig offer,
getuige die schuldig is.

Standaard
Dichtwerk, Gedachte, Leeslengte kort

Oekraïne

Gedwongen klem tussen de machten in,
wat kan het nu nog geven?
Zijn gewonde volk, de zwarte grond?

De onverzadigbaren met hun plan;
zodra de buit is opgedeeld
zullen zij elkaar bevechten.

Nooit zal het genoeg zijn,
het grensland moet vermorzeld worden
totdat er niets meer over is

dan de lijn die dan omstreden wordt,
omdat er altijd een verleden is
waarin de deling anders was.

De catastrophe – Philippus Metman – 1913
Standaard