Column, Leeslengte kort, Opinie

Wortelrot

De komende twee jaar gaat er 8,5 miljard euro naar de scholen en gemeentes om de kansenongelijkheid in het onderwijs te bestrijden. Het geld wordt beschikbaar gesteld in het kader van het Nationaal Programma Onderwijs van het ministerie van OCW. De al jaren stijgende kansenongelijkheid in het onderwijs wordt als een van de grondoorzaken gezien van het groeien van de kansenongelijkheid in de Nederlandse samenleving als geheel. Vandaar. De coronapandemie en de documentaireserie Klassen hebben het probleem definitief op de kaart gezet. Nu wordt het eindelijk aangepakt. Maar zal deze zak geld werkelijk bijdragen aan het oplossen van de groeiende kloof tussen kansarm en kansrijk?

Het is een typische reflex van een op kortetermijnresultaten gerichte maatschappij om geld te sturen naar de delen van de boom waar de bladeren er slap bij hangen. Het kwijnen moet gestopt worden. Zo vlot mogelijk. Dat lijkt efficiënt en doelmatig, maar het kan ook zijn dat je bezig bent met het stutten van takken terwijl het echte probleem ondergronds te vinden is, in een ziek wortelstelsel. Ik ben bang dat we hier met zo’n situatie te maken hebben.

Lees verder
Standaard
Essay, Leeslengte lang, Opinie

Virusvrijheid

Op dinsdagmiddag 4 mei heb ik mijn eerste prik gehad. AstraZeneca. Geen spoortje van bloedklonters, geen griepgevoel, zelfs geen spierpijn.

Aan het moment van mijn vaccinatie kleeft iets ironisch. Het was de dag van de dodenherdenking. Voor de tweede keer ging die niet door, althans niet in gezamenlijkheid. Anoniem en onpersoonlijk werden de kransen gelegd op al die plekken in Nederland waar het jaarlijkse eerbetoon aan hen die voor onze vrijheid vielen, plaatsvindt. Ik was er graag bij geweest, hier op de Dam. Sinds ik in de hoofdstad woon is dat een voor mij jaarlijks terugkerend ritueel geworden, maar het plein is al zestien maanden het domein van enkel de duiven.

We worden weer belaagd door een vijand, deze maal zonder militair machtsvertoon. Het is een microscopisch klein, stekelig bolletje, waarvan we niet eens weten of het levende materie is. In al zijn unheimische onzichtbaarheid sluit het ons op in onze huizen, brandmerkt het ons met mondkapjes en verbiedt het ons elkaar genegenheid te tonen.

‘Dit is de grootste crisis sinds de Tweede Wereldoorlog.’ ‘Er werken mensen aan het front’, ‘er vallen slachtoffers’ en ‘er staan helden op’. We zijn opnieuw in een vrijheidsstrijd verwikkeld – onze politieke leiders zinspelen er graag op.

Ik ben in elk geval bewapend, ik kan de strijd met Covid-19 aan. Maar is het werkelijk weer oorlog?

Lees verder
Standaard
Column, Leeslengte kort, Opinie

Vreedzame oorlogvoering

Een versie van onderstaand artikel is ook verschenen in Het Parool (18 maart 2021). Zie: Opinie: ‘Het milieu móet onderdeel van de formatiebesprekingen zijn’


In 1992 las ik De grenzen voorbij van milieudeskundige Donella H. Meadows e.a. Het alarmerende boek droeg als ondertitel: Een wereldwijde catastrofe of een duurzame wereld. Het was het vervolg op het Rapport van de Club van Rome, dat exact twintig jaar daarvoor verschenen was. De wetenschap kondigde naderende rampspoed aan, maar in 1992 – laat staan in 1972 – maakten we ons weinig druk om een duurzame wereld.

Er volgden nog vele waarschuwingen. We deden niets.

Nu, anno 2021, zijn we de rampspoed aan het consumeren. Smeltende ijskappen, stijgende oceanen, hittegolven, droogtes, hoosbuien en orkanen. Ook in Nederland ontkomen we niet aan de ellende. De winters zijn gekrompen tot een stuiptrekking van een weekje vorst en in de zomers tikken we de veertig graden aan. Het zijn voorbodes van wat ons nog te wachten staat. Half liggend onder de zeespiegel, zijn we een makkelijke prooi. Amsterdam, Rotterdam, Den Haag – heel de Randstad is in gevaar.

Gedurende 2019 en 2020 sprak ik in het kader van de doorlopende actie Operatie Klimaat van Milieudefensie met willekeurige mensen op straat over de klimaatcrisis. Met tientallen vrijwilligers in het land hebben we in anderhalf jaar tijd meer dan vijfduizend van dergelijke klimaatgesprekken gevoerd. Meer dan negentig procent van onze gesprekspartners toonde zich ongerust tot zeer ongerust. Met die onrustgevoelens sloegen we de brug naar de politieke partijen. We hebben hen de zorgen van hun kiezers voorgelegd. We wilden ze wakker schudden.

En gelukkig, er werd bewogen – eindelijk óók bij de zo belangrijke grote middenpartijen. Met 17 maart in aantocht zorgde de kiezersdruk voor urgentie. In vrijwel alle partijprogramma’s heeft het klimaat een prominente plaats gekregen. Dat momentum moeten we vasthouden. In het nieuwe regeerakkoord moet het klimaat stevig verankerd zijn. Er is vijftig jaar te lang getalmd.

Er zijn ingrijpende maatregelen nodig. Ze zullen pijn doen. Zover hebben we het laten komen. De grote zorg is natuurlijk dat ideologische verschillen daadkracht blijven blokkeren. De vraag is daarom: zal het lukken om bij de formatieonderhandelingen de partijpolitiek opzij te zetten als het gaat over het klimaat? Dat is immers geen zaak van links of rechts, maar van iedereen. En van nu of nooit!

En toch … hoe zinvol is het om voorbij partijen te willen denken?

Lees verder
Standaard